De maatschap als oplossing tegen schijnzelfstandigheid kan heel goed werken. Formeel gesproken voert de zzp’er namelijk niet zelf de opdrachten uit, maar de maatschap. De arbeid wordt namelijk niet door een persoon verricht, maar door het geheel. Het door anderen laten beheren van een maatschap is vaak nergens voor nodig. Samen met andere zzp’ers zelf een eigen maatschap oprichten, is goed te doen.
Hans Baaij is fiscaal jurist en actief en is gespecialiseerd in ZZP-ers.
Zelf een maatschap beginnen
Een maatschap is een samenwerkingsverband tussen twee of meer personen (maten of vennoten), die gezamenlijk een beroep uitoefenen of een bedrijf runnen. Veel advocatenkantoren zijn bijvoorbeeld georganiseerd als maatschap. De advocaten werken zelfstandig, maar delen faciliteiten, kennis en soms ondersteunend personeel. Bij vrije beroepen, zoals in de medische sector, is de maatschap een veel voorkomende rechtsvorm. Ook huisartsen, tandartsen en fysiotherapeuten werken vaak samen in maatschappen. Dit stelt hen in staat om belastingtechnisch als zelfstandige te werken, terwijl ze toch de voordelen van samenwerking genieten.
Voordelen van een eigen maatschap
De eigen maatschap is goedkoper dan maatschappen via bemiddelaars en veel goedkoper dan jezelf laten verlonen door uitzendbureaus. Voor de deelnemers blijft er netto meer over en de kosten voor de opdrachtgevers zijn ook lager. Maatschappen in de zorg hoeven geen 21% BTW in rekening te brengen. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld uitzendbureaus of andere vormen van het ter beschikking stellen van werkenden. Hieronder vind je nog een aantal voordelen, naast het BTW voordeel.
Minder risico op schijnzelfstandigheid
Door een maatschap in te huren, verkleint de opdrachtgever het risico op schijnzelfstandigheid. De maatschap als geheel wordt ingehuurd en niet de individuele zzp’er. Er is dus geen sprake van het persoonlijk verrichten van arbeid en dat is een essentiële voorwaarde voor het werken in loondienst. Geen persoonlijk arbeid, dan ook geen loondienst. Dat betekent wel dat in de praktijk de maten elkaar moeten (kunnen) vervangen en dat niet één maat verbonden is aan de opdrachtgever, maar een aantal maten tegelijkertijd.
Eén overeenkomst met meerdere professionals
In plaats van met meerdere individuele zzp’ers contracten af te sluiten, hoeft een opdrachtgever maar één overeenkomst van opdracht aan te gaan en dat kan bovendien bij grotere en/of langdurige opdrachten.
Wel zelfstandig ondernemer
De maten in een maatschap zijn belastingtechnisch zelfstandig ondernemer en hebben dus net als ZZP’ers recht op fiscale voordelen zoals zelfstandigenaftrek, startersaftrek, MKB-winstvrijstellingen en aftrek van specifieke ondernemerskosten.
Continuïteit van dienstverlening
Door samen te werken in een maatschap kunnen zzp’ers elkaar vervangen en risico’s spreiden. Bij ziekte of vakantie nemen maten elkaars werk over, wat de continuïteit ten goede komt en er voor kan zorgen dat grotere en langdurige opdrachten aangenomen kunnen worden.
De maatschap als oplossing tegen schijnzelfstandigheid
Hoe komt het dat het risico op schijnzelfstandigheid afneemt? De opdrachten worden verstrekt aan de maatschap als geheel en niet aan individuen. Het verrichten van persoonlijke arbeid is een essentiële voorwaarde om loondienst aan te nemen. Een maatschap kan namelijk niet in loondienst zijn.
In een maatschap delen de maten de verantwoordelijkheid voor het werk. Dit past beter bij het beeld van zelfstandig ondernemerschap dan als een individu het werk alleen verricht. De maten brengen ‘hun’ opdrachtgevers in. Een maatschap heeft meer opdrachtgevers dan de individuele zzp’ers. Als de maatschap in zijn geheel of bijna geheel voor één opdrachtgever werkt, dan zijn alle maten in dienst bij die opdrachtgever. Dat moet dus voorkomen worden.
Een maatschap kan gezamenlijk investeren in bedrijfsmiddelen, cursussen, hulpmiddelen, etc. wat bijdraagt aan het beeld van een zelfstandige onderneming. En de maatschap heeft een eigen naam en treedt ook naar buiten toe als eenheid en als onderneming. Ook dat zorgt er voor dat de maten ondernemers en geen werknemers zijn.
Is een eigen maatschap complex?
Er zitten zeker haken en ogen aan het oprichten van een eigen maatschap. Prutswerk kan stevig afgestraft worden, zowel bij verschillen van mening bij de maten onderling, als door buitenstaanders zoals de Belastingdienst. Vandaar dat sommige deskundigen spreken over een complexe oplossing. Die complexiteit is vooral het geval als zaken niet goed doordacht en uitgewerkt zijn en dat geldt zowel voor de maatschapsovereenkomst als voor de uitwerking in de praktijk.
Een maatschap is aan de ene kant complexer dan zelfstandig ondernemerschap (zzp’er zijn), maar door een verdeling van de werkzaamheden en verantwoordelijkheden heeft het ook weer schaalvoordelen, waar de individuele maten van profiteren. Een eigen maatschap is in ieder geval een goedkope en efficiënte manier van werken voor zzp’ers en hun opdrachtgevers. Mits je bereid bent het aan te gaan.
Voorwaarden voor een succesvolle eigen maatschap
Het is essentieel om van te voren, bij de start van de maatschap, goede afspraken te maken. Deze afspraken worden vastgelegd in de maatschapsovereenkomst. Hierin staan de afspraken voor het verdelen van de taken, opbrengsten, kosten en in- en uittreden van de maten.
De maten van de maatschap vormen gezamenlijk de maatschap en zijn met zijn allen de baas. Ze kunnen hun eigen werkwijze hanteren, maar dienen wel rekening te houden met de normen die de maatschap als geheel hanteert. De belangrijkste voorwaarde is daarom dat de maten in zakelijk opzicht het goed met elkaar kunnen vinden. De maten hoeven geen vrienden te zijn, ze moeten als zzp’ers wel hetzelfde soort ondernemerschap wensen.
De maatschap moet niet te groot zijn. Een maatschap waarbij de maten elkaar kennen, ondersteunen en vervangen, is een andere maatschap dan bijvoorbeeld een maatschap van twintig of meer personen, waarbij de onderlinge band gering is. Ook is een maatschap die opgezet is door een derde partij die dit aan de lopende band doet, eerder verdacht.
Kenmerken van de maten
Hieronder een aantal kenmerken waar de maten aan moeten voldoen:
- Hetzelfde beroep, vergelijkbare opleiding, werkervaring en tariefstelling;
- Werkzaam in dezelfde regio, zodat vervanging realistisch is;
- Zelfde werkmentaliteit, inzet en ambitie;
- Bereidheid tot het delen van opdrachtgevers en kennis;
- Bereid tot gezamenlijke inkoop, zelfde leveranciers, dienstverleners, etc.
- Niet te veel en niet te weinig participanten (maten);
- Gelijkwaardigheid binnen de maatschap.
Hoeveelheid maten
Idealiter is een maatschap van tenminste vier tot maximaal tien maten. Niet alleen is een grote maatschap lastig te besturen, maar ook neemt het realiteitsgehalte af en dreigt fraus legis. Dit laatste is het juridisch begrip dat staat voor “misbruik van recht”. Hiervan is sprake bij constructies die bedoeld zijn om belasting te besparen, verder geen niet-fiscale betekenis hebben en strijdig zijn met doel en strekking van de wet. Kortom, als een maatschap alleen maar is opgezet met het uitsluitende doel om loondienst te voorkomen, dan kunnen de Belastingdienst en pensioenfondsen daar doorheen prikken. Sterker nog, een individuele maat kan in zo’n geval achteraf alsnog stellen in loondienst te zijn bij ‘zijn’ opdrachtgever.
Risico’s die spelen bij de maatschap
Hiervoor kwam al fraus legis ter sprake; het opzetten van een maatschap c.q. constructie met het uitsluitende doel om belasting en andere heffingen te besparen. Dat is meteen ook het risico dat de maten lopen als ze via een vast stramien bij een bemiddelaar als het ware aan de lopende band in een maatschap opgenomen worden. Zo concludeerde de rechter bij een maatschap van kraamverzorgsters, dat aan de maatschap geen reële betekenis toekwam en er sprake was van een rechtstreekse relatie tussen de instelling en de kraamverzorgsters. En dus van loondienst tussen de opdrachtgever en de individuele kraamverzorgsters.
Een veel voorkomend probleem, met name bij fysiotherapie praktijken, is dat er één of meerdere belangrijke maten zijn die het beleid bepalen, vaak ook meer verdienen, waarbij de andere maten min of meer ondergeschikt zijn. Die laatste zijn een soort nep-maten/ondernemers; ze werken feitelijk in ondergeschiktheid, maar formeel zijn het maten van de maatschap. Indien maten in de praktijk alleen cliënten behandelen en niet betrokken zijn bij het beleid, dan horen ze in loondienst bij de maatschap (d.w.z. de fysiotherapiepraktijk) te zijn.
In een maatschap zijn de maten aansprakelijk voor schulden van de maatschap. Meestal is dat voor hun aandeel in de maatschap; dus als er vier maten zijn dan is ieder voor 25% aansprakelijk. Wordt de maatschap aansprakelijk gesteld door het falen van één maat, dan moeten de andere in principe meebetalen. Het is belangrijk om over eventuele aansprakelijkheid goede afspraken te maken en om risico’s af te dekken via bedrijfsverzekeringen. Overigens worden torenhoge schadevergoedingen in Nederland zeer zelden toegewezen en is het risico om aansprakelijk gesteld te worden meestal beperkt. Het is hier geen VS.
Het belangrijkste risico bij ieder samenwerkingsverband zijn onderlinge verschillen van mening. Veel valt te ondervangen door een arbitrageregeling, in plaats het voor te laten komen bij de rechter. En door goede regelingen omtrent en toe- en uitreden van maten.
Uitvoering van de maatschap
Om te beginnen moeten de maatschap en de maten ingeschreven worden bij de Kamer van Koophandel, maar dat spreekt voor zich. Hetzelfde geldt voor degenen die gemachtigd zijn namens de maatschap afspraken te maken met derden. Bij aanvang is het verstandig meerdere sessies te hebben om de wensen van alle maten gelijk te trekken. Het is verder verstandig is om de zelfstandigheid van de maten van te voren te toetsen.
Essentieel is een goede en praktisch uitvoerbare maatschapsovereenkomst, met regelingen voor de winstverdeling, toe- en uittreden, een geschillenregeling, verdeling van de kosten, overhead, verantwoordelijkheden, etc. etc. Een strakke administratieve organisatie, met facturering vanuit de maatschap, een heldere verdeling van opbrengsten en kosten en juridisch sterke overeenkomsten van opdracht met de opdrachtgevers.
Conclusie
In het licht van de toenemende focus op schijnzelfstandigheid biedt het werken binnen een maatschap interessante mogelijkheden voor zzp’ers en hun opdrachtgevers. Deze samenwerkingsvorm combineert de voordelen van zelfstandig ondernemerschap met de kracht van samenwerking, terwijl het tegelijkertijd bescherming biedt tegen de risico’s van schijnzelfstandigheid. Voor zzp’ers kan een maatschap een manier zijn om hun zelfstandigheid te behouden, fiscale voordelen te genieten en tegelijkertijd te profiteren van de voordelen van samenwerking.
Opdrachtgevers kunnen op hun beurt gebruik maken van de brede expertise van een maatschap, terwijl ze het risico op naheffingen vanwege schijnzelfstandigheid verkleinen. Om kosten te besparen, kan heel goed, met de juiste adviezen, zelf een maatschap opgezet worden. Dat betekent dat er op voorhand goed nagedacht moet worden over alle mogelijkheden en risico’s van de samenwerking. Hoewel de maatschap geen universele oplossing biedt voor alle uitdagingen rondom zzp-schap, is het wel een interessant alternatief dat serieuze overweging verdient. Met de juiste voorbereiding en duidelijke afspraken kan een maatschap een waardevolle rechtsvorm zijn in deze onzekere tijden rondom schijnzelfstandigheid.
Heb je fiscaal juridische vragen? Stel ze direct aan Hans Baaij via zijn contactformulier