Het terugdringen van de regeldruk komt moeilijk van de grond. In het Integraal Zorgakkoord (IZA) en later het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) zijn keer op keer afspraken gemaakt om zorgprofessionals meer tijd te geven voor hun vak en administratieve lasten te verminderen. Dat is niet gelukt. Tijdens het recente notaoverleg Arbeidsmarktbeleid in de Zorg erkende minister Sterk dat de doelstelling voor het terugdringen van regeldruk bij lange na niet is gehaald.
5 procent beloofd, 1 procent gehaald
Zorgmedewerkers zijn een groot deel van hun tijd kwijt aan registraties, verantwoording en administratie in plaats van direct hun tijd aan de client te kunnen besteden. De meeste zorgprofessionals kiezen echter voor het vak vanwege het werken met mensen, niet het doen van administratie. De frustratie groeit wanneer directe cliëntenzorg steeds vaker wordt verdrongen door administratieve verplichtingen. Deze ‘administratieve lasten’ zijn direct gekoppeld aan werkdruk, uitval en uitstroom. Het is dan ook hoge prioriteit om die lasten terug te dringen. De afgelopen jaren zijn verschillende programma’s gestart waaronder (Ont)Regel de Zorg in 2018. Ook in opeenvolgende zorgakkoorden zijn afspraken gemaakt om administratieve lasten terug te dringen.
Eén van de concreet meetbare afspraken binnen het AZWA was bijvoorbeeld dat de administratieve lasten voor zorgprofessionals eind 2025 met 5 procent zouden zijn verminderd. Tijdens het recente notaoverleg over het arbeidsmarktbeleid in de zorg werd duidelijk dat die doelstelling bij lange na niet is gehaald. De minister geeft aan dat slechts 1 procent vermindering is waargemaakt. Zorgprofessionals besteden nog altijd gemiddeld ruim 30 procent van hun werktijd aan administratie terwijl het politieke streven is om dit terug te brengen naar maximaal 20 procent. De ambities zijn daarmee al een kleine tien jaar groot, maar de resultaten blijven beperkt.
Regeldruk is nu ook een arbeidsmarktvraagstuk
Hoe langer de bovenmatige regeldruk blijft bestaan, hoe groter het probleem wordt. Want regeldruk en administratieve lasten blijken niet alleen meer een probleem op de werkvloer en zorgprofessionals in de praktijk te raken. Het probleem van regeldruk grijpt steeds meer in op krapte binnen de arbeidsmarkt zorg. Kamerleden legden in het notaoverleg de relatie met werkdruk, werkplezier en het behoud van zorgpersoneel. Juist nu de personeelstekorten groot zijn en de prognoses weinig hoopvol zijn, blijft een aanzienlijk deel van de beschikbare werktijd opgaan aan registraties en verantwoording. Iedere minuut die aan administratie wordt besteed, kan niet worden besteed aan cliënten, patiënten of collega’s. Daarbij komt dat wanneer zorgprofessionals structureel het gevoel hebben dat zij minder tijd hebben voor het werk waarvoor zij hebben gekozen, dat gevolgen heeft voor het gevoel van autonomie, werkplezier en uiteindelijk ook voor het behoud van personeel.
De bron van administratieve lasten bleef hetzelfde
Regeldruk verminderen blijft ingewikkeld zolang er nieuwe regels bijkomen. Registraties worden geschrapt en formulieren vereenvoudigd, maar tegelijkertijd ontstaan ergens anders nieuwe kwaliteitseisen en toezichtskaders. Zelfs technologie die bedoeld is om administratieve lasten te verminderen levert niet altijd direct tijdswinst op de werkvloer op. Het verminderen van regeldruk gaat daardoor niet alleen over het doorstrepen van bestaande registraties, maar ook over het voorkomen dat nieuwe verplichtingen daarvoor in de plaats komen. Die bron is echter niet doorbroken, want partijen die werken ‘aan’ de zorg verzinnen iedere keer weer nieuwe verantwoordingseisen voor mensen die werken ‘in’ de zorg. Dat maakt het verminderen van regeldruk lastig in de praktijk is, ook al wordt er keer op keer beterschap beloofd. Individuele zorgorganisaties slagen er soms in om registraties wat terug te dringen en wat meer tijd vrij te maken voor zorgprofessionals, maar op landelijk niveau neemt de administratieve belasting nauwelijks af.
Wanneer krijgen professionals weer het vertrouwen?
In het overleg zijn alle partijen het – opnieuw- met elkaar eens dat de administratieve lasten in de zorg hoog zijn. De organisaties verschillen van mening als het gaat om oplossingen. Eén van de oplossingen die werd aangedragen waren de mogelijkheden rondom technologie en AI. Daarbij blijft wel de vraag hoeveel effect dat soort oplossingen op korte termijn daadwerkelijk hebben op de administratieve belasting van zorgprofessionals. Een andere vraag was welke regels de overheid zelf bereid is te schrappen om de administratieve druk te verlagen.
Na allerlei programma’s, zorgakkoorden, pilots en goede bedoelingen besteden zorgprofessionals nog altijd ongeveer een derde(!) van hun werktijd aan administratie. Wanneer zorgprofessionals structureel minder tijd hebben voor het werk waarvoor zij ooit hebben gekozen, raakt regeldruk ook aan het arbeidsmarktvraagstuk. Met minder mensen dezelfde hoeveelheid formulieren invullen doet de administratieve lasten niet dalen. Iedereen ziet het probleem, maar ondanks alle aandacht wordt het nog niet opgelost. Dat is logisch, zolang het gebrek aan vertrouwen richting zorgprofessionals keer op keer nieuwe administratieve verplichtingen doet ontstaan. Het oplossen van administratieve lasten kan niet zonder vertrouwen in zorgprofessionals.