Hoe komt het dat binnen een jaar drie ministeries zich niet langer verantwoordelijk voelen voor het ontstaan van een fiscaal kader? Werkgevers en zzp’ers zitten inmiddels met de gevolgen. Wij denken te zien dat het ministerie van VWS gaandeweg van mede-eigenaar naar gastheer verschoof.
Start fiscaal kader: ‘samen verantwoordelijkheid nemen’
Het programma Toekomstbestendige Arbeidsmarkt Zorg & welzijn (TAZ), werd in september 2022 uitgegeven door het ministerie van VWS. In dat document stelt het ministerie dat er “duidelijke werkafspraken worden gemaakt tussen werkgevers c.q. opdrachtgevers en zzp’ers”. Dit zou later het fiscaal kader zzp zorg gaan heten. Het doel daarbij was dat per 1 januari 2024 “door overheidspartijen (!) en brancheorganisaties uitstroom naar (oneigenlijk) zzp-schap in zorg en welzijn wordt voorkomen.” Deze taal past bij het pers- en fotomoment waarbij de boodschap was dat “kabinet en brancheorganisaties samen de schijnzelfstandigheid in de zorg gaan bestrijden.” Uit dat bericht: ‘De partijen (waaronder de drie ministeries, red.) onderschrijven hiermee het gemeenschappelijke belang en willen verantwoordelijkheid nemen’ en ‘de betrokken departementen, de brancheorganisaties en de Belastingdienst blijven overleggen om het beheersingsmodel Zorg verder te concretiseren.’
Belastingdienst kreeg de handen intern niet op elkaar
Bij het ondertekenen van de intentieverklaring, stelde staatssecretaris Van Rij van Financiën nog dat het goed was dat “de zorgbranche nu zelf de handen ineenslaat om hierin samen te werken met de Belastingdienst en de betrokken departementen.” De doelstellingen van het fiscaal kader pasten goed bij het ministerie van Financiën én de Belastingdienst. “Vanuit Financiën/Belastingdienst sluit het werken met een beheersingsmodel Zorg door de sector aan bij de handhavingsstrategie van de Belastingdienst die erop is gericht dat burgers en bedrijven zoveel mogelijk uit zichzelf hun verplichtingen nakomen, zonder kostbare, dwingende acties van de Belastingdienst.” Onlangs bleek dat een deel van de Belastingdienst het fiscaal kader inmiddels als ‘onuitvoerbaar’ heeft geoormerkt. Werkgevers zijn uit het overleg rondom het fiscaal kader gestapt, omdat er “binnen de Belastingdienst twee stromingen zijn: de rekkelijken en de preciezen. Die laatste hebben gewonnen”, zo gaf zorgkoepels voorzitter Van Uum aan. Oftewel; een deel van de Belastingdienst steunde de route van het fiscaal kader niet.
Ministerie: ‘rol VWS is partijen bij elkaar brengen’
Nu is de vraag hoe de drie ministeries omgaan met hun steun rondom het fiscaal kader, hun handtekening onder het convenant en de houding van de Belastingdienst. Een kamerbrief van enkele dagen oud laat zien hoe het ministerie van VWS inmiddels naar haar rol binnen het fiscaal kader kijkt. “De intentieverklaring (van juli vorig jaar, red.) heeft tot doel om met een gezamenlijke aanpak schijnzelfstandigheid in de sector tegen te gaan. VWS heeft een faciliterende rol om partijen hierin bij elkaar te brengen.”
Zij spreekt niet langer over een verantwoordelijkheid om het fiscaal kader tot een goed einde te brengen. Daarmee ontstaat het beeld dat het ministerie van VWS van mede-eigenaar naar gastheer verschoven is. Volgens het ministerie van VWS is er overigens nog steeds ruimte voor overleg over een fiscaal kader met betrokkenheid van de Belastingdienst, maar dan alleen over losse zzp casuïstieken – ‘casusposities’ genoemd. Aangezien je eindeloos kan discussiëren over één zzp casuïstiek en dit nooit iets zegt over de gehele groep, kun je daarmee eindeloos vergaderen en nooit tot een fiscaal kader komen. De minister is uiteraard ‘teleurgesteld’ dat ‘de brancheorganisaties geen mogelijkheid zien om vanuit gezamenlijkheid verder invulling te geven aan de uitwerking van het fiscaal kader ZZP Zorg’. Het is voor te stellen dat werkgevers hun eigen weg gaan en teleurgesteld zijn in de drie ministeries en de Belastingdienst. Dit traject tussen werkgevers onderling zou uiteindelijk Fiscaal Kompas ZZP Zorg gaan heten.