Nu Thierry Aartsen minister is, vaart hij een andere koers. Als Kamerlid eiste hij duidelijkheid voor zelfstandig ondernemers en opdrachtgevers. Maar als minister verdedigt hij de handhaving op schijnzelfstandigheid. Terwijl de onduidelijkheid waar hij eerder tegen streed onveranderd is gebleven.
Aartsen heeft zijn eigen belofte losgelaten
Als minister heeft Thierry Aartsen de belofte losgelaten die hij voor de verkiezingen nog als Kamerlid deed. Waar hij eerst duidelijkheid voor zelfstandig ondernemers af wilde dwingen, laat hij de bestaande onzekerheid voorlopig in stand.
Aartsen als Kamerlid: ‘eerst duidelijkheid voor zzp’ers’
In zijn periode als Kamerlid stond hij voor duidelijkheid voor zelfstandig ondernemers. Hij stelde dat er eerst duidelijkheid moest komen over de spelregels, omdat opdrachtgevers zich door angst en onzekerheid terugtrekken uit de markt. Deze onrust komt voort uit de manier waarop de Belastingdienst communiceert én de onmogelijkheid om duidelijkheid vooraf te bieden onder de huidige wetgeving. De enige oplossing volgens toenmalig Kamerlid Aartsen? Eerst duidelijkheid scheppen en daarna pas handhaven.
Minister Aartsen: ‘rust en duidelijkheid’ komt straks
Als minister kiest Aartsen er nu voor om handhaving door te zetten zonder duidelijke spelregels. Zelfstandig ondernemers hadden op het tegenovergestelde gerekend. Je kunt namelijk niet aan de ene kant zeggen dat zelfstandig ondernemers met rust gelaten moeten worden, terwijl zelfstandig ondernemers in de praktijk geraakt worden door de handhaving. In die zin botst de huidige handhaving schijnzelfstandigheid met het regeerakkoord. In een nieuwsbericht vanuit de overheid was de boodschap dat het kabinet kiest “voor meer rust en duidelijkheid voor zzp’ers en opdrachtgevers”. Het viel op dat er in dit bericht niet gesproken werd over de handhaving, de bron van de huidige onrust en onduidelijkheid.
Handhaving schijnzelfstandigheid blijft ondanks gebrek aan duidelijkheid
Vorige week kwam het hoge woord eruit. Minister Aartsen laat de handhaving die zelfstandig ondernemers al anderhalf jaar raakt, in stand. “Niemand is gebaat bij zigzagbeleid”, dus wordt de handhaving niet aangepast. Als minister heeft hij de volgorde van duidelijke wetgeving -> eerlijke handhaving inmiddels omgedraaid. Waar Kamerlid Aartsen eerst pleitte voor duidelijkheid vooraf om angst weg te nemen, kiest hij nu voor het handhaven van het bestaande, onduidelijke kader. Wat angst bij opdrachtgevers veroorzaakt. Aartsen heeft daarmee zijn eigen belofte aan kiezers losgelaten.
Waarom handhaving schijnzelfstandigheid leidt tot onzekerheid bij zzp
De angst rondom zzp-inhuur bij opdrachtgevers ontstaat niet vanzelf, maar volgt uit de manier waarop de handhaving is ingericht. Wij telden tien ingrediënten die dit gedrag in de praktijk aansturen. De handhaving op weinig concrete normen zoals ‘gezag’, ‘inbedding’ en ‘persoonlijke arbeid’ maakt dat een opdrachtgever vooraf niet kán weten waar hij aan toe is.
Minister Aartsen erkent dit punt: “Voor een definitief oordeel… is derhalve de daadwerkelijke praktijk doorslaggevend… In die zin is er altijd sprake van een toetsing achteraf en is volledige zekerheid op voorhand niet mogelijk.” Daarmee is de onzekerheid bij opdrachtgevers een logisch gevolg van het systeem. In de praktijk weet je als opdrachtgever vooraf simpelweg niet zeker of je je aan de wet houdt.
Tegelijkertijd wordt wél gehandhaafd op niet concrete wetgeving. De Belastingdienst wijst op mogelijke naheffingen, boetes en correcties met terugwerkende kracht wanneer de arbeidsrelatie achteraf onjuist blijkt ingeschat. Dat terwijl dezelfde overheid erkent dat vooraf geen volledige zekerheid te geven is. Dat is handhaven op een norm die niet vooraf te toetsen is.
Het effect is vervolgens logisch en voorspelbaar. Door het benadrukken van financiële risico’s, kiezen opdrachtgevers eieren voor hun geld en zien zij af van zzp-inhuur. Niet omdat het per definitie niet kan, maar omdat het risico niet goed te overzien is. Is het niet belangrijk dat er eerst duidelijke wetgeving komt? De landelijk coördinator bij de Belastingdienst gaf aan dat het uiteindelijk draait om het gedrag dat in de praktijk wordt vertoond. Niet om het precies kunnen volgen van wetgeving.
Daarmee wordt bevestigd dat de handhaving niet gaat over het toetsen van duidelijke regels, maar over het sturen van gedrag via een onduidelijk kader.
Aartsen eiste duidelijkheid, maar handhaaft op onzekerheid
Terwijl zelfstandig ondernemers ook de aankomende tijd geraakt worden door de onvoorspelbare handhaving op schijnzelfstandigheid, wordt duidelijk hoe Aartsen zich hier uit probeert te redden. In deze nota wordt duidelijk dat minister Aartsen een uitweg zoekt uit een onhoudbare positie, zonder het probleem op te lossen.
Handhaving gaat door, terwijl de duidelijkheid ontbreekt. Hoe verkoop je dat? Voor zelfstandig ondernemers volgens het herkenbare patroon van de voorgaande kabinetten. Er wordt erkend dat harde cijfers over schijnzelfstandigheid ontbreken, maar er wordt wél gehandhaafd. Aartsen praat over “meer duidelijkheid”, terwijl tegelijkertijd wordt erkend dat zekerheid vooraf niet mogelijk is en toetsing altijd achteraf plaatsvindt. De echte oplossing, een Zelfstandigenwet, wordt naar de toekomst geschoven.
Wat overblijft is een lijn waar Aartsen als Kamerlid niet achter stond.
- Handhaven met een onduidelijk juridisch kader;
- Verwijzen naar toekomstige wetgeving die nog jaren op zich laat wachten;
- Rust en duidelijkheid te communiceren, terwijl de markt onrust en onduidelijkheid ervaart;
- De verantwoordelijkheid voor onzekere arbeidsrelaties bij de markt neer te leggen, in plaats van bij de politiek.
Voor zelfstandig ondernemers betekent dit dat het probleem niet wordt opgelost, maar wordt doorgeschoven. De onduidelijkheid blijft bestaan, terwijl de gevolgen van handhaving al bijna anderhalf jaar voelbaar zijn.
Comité ZZP teleurgesteld
Volgens Comité ZZP bevestigt dit besluit precies waar al langer voor wordt gewaarschuwd. “Handhaving zonder duidelijkheid ondermijnt de rechtszekerheid van zelfstandig ondernemers en opdrachtgevers. Door vast te houden aan open normen als ‘gezag’ en ‘inbedding’, terwijl wordt erkend dat zekerheid vooraf niet mogelijk is, ontstaat een situatie waarin gedrag wordt afgedwongen. Het is simpelweg niet duidelijk wat wel en niet mag.” Het gevolg is volgens Comité ZZP een arbeidsmarkt die niet wordt gecorrigeerd, maar wordt geremd. “Opdrachtgevers trekken zich terug. Niet omdat het werk niet kan, maar omdat het risico niet te beoordelen is. Daarmee verschuift de overheid de gevolgen naar de arbeidsmarkt.” Als de politiek werkelijk rust wil creëren, begint dat volgens het Comité niet bij handhaving, maar bij heldere, toetsbare wetgeving. “Zonder die basis leidt handhaving niet tot naleving, maar tot onzekerheid en stilstand.”