De maand januari 2025 zit er bijna op en het valt op dat de aanpak van schijnzelfstandigheid tot nu toe vooral willekeur en chaos heeft gecreëerd. Terwijl zzp’ers en opdrachtgevers blijven worstelen met onduidelijke regelgeving, blijven praktische oplossingen uit. In sectoren zoals de zorg wordt de druk op het personeel steeds groter, terwijl de overheid zelf haar eigen beleid niet consistent naleeft. De kloof tussen beleid en praktijk groeit verder, met ingrijpende gevolgen voor zowel werkenden als organisaties. Een overzicht na maand één.
Schijnzelfstandigheid: slecht geïnformeerd het nieuwe jaar in
Uit de Monitor Schijnzelfstandigheid van Ipsos van eind vorig jaar bleek dat zowel zzp’ers als opdrachtgevers onzeker waren over de precieze regels rondom schijnzelfstandigheid. Een derde van de zzp’ers had actief uitgezocht of zij volgens de juiste contractvorm werken, terwijl negen op de tien van de zzp’ers dacht volgens de regels te werken. Opdrachtgevers maakten hetzelfde door: een ruime meerderheid zegt te weten dat ze aan de regels voldoen, maar in veel gevallen is dat niet gecontroleerd. Het rapport toont aan dat er een ‘false sense of security’ heerste onder beide groepen. Dit gebrek aan kennis speelt ook een sleutelrol in de angst en onzekerheid onder zorgorganisaties. Dit kan volgens de onderzoekers alleen worden doorbroken door duidelijkheid, meer transparantie en betere informatievoorziening. Maar juist dat bleef uit. De juiste informatievoorziening moesten zzp’ers en opdrachtgevers volgens het ministerie van SZW vooral zoeken bij www.hetjuistecontract.nl. Dit bleek echter weer een nieuwe oefening in geklungel. De gevolgen voor de praktijk waren groot.
Onderzoek: zzp’ers maken zich geen zorgen over aanpak schijnzelfstandigheid
Een onderzoek door Knab onder 15.000 respondenten dat deze week gepubliceerd werd liet zien dat de meeste zzp’ers zich geen zorgen maken over de wet tegen schijnzelfstandigheid. Drie op de tien zzp’ers maakt zich zorgen over handhaving van de Wet DBA. ZZP’ers hebben door dat de berichtgeving in de media overdreven wordt en tot onnodige onzekerheid leidt. In de sectoren ICT, overheid en zorg maken zzp’ers zich verhoudingsgewijs meer zorgen. Daarnaast valt op dat hoe meer een zzp’er verdient, hoe meer zorgen er zijn. Knab geeft aan dat ‘de overgrote meerderheid van de zzp’ers in Nederland bewust voor het ondernemerschap heeft gekozen, zelfstandig werkt veel waarde toevoegt aan onze economie’, maar dat ook die groep last heeft van de aanpak tegen schijnzelfstandigheid.
Zorgsector: angst maakt plaats voor zorgplicht
In de zorgsector werd in week 1 van 2025 al duidelijk dat de gaten in het rooster onoplosbaar blijken en de druk op vaste medewerkers verder oploopt. Aangezien de belasting van vaste medewerkers niet verhoogd kan worden, valt de keuze uiteen in twee scenario’s. Of je schaalt als zorgorganisatie zorgcapaciteit af, of je gaat verder met zzp inhuur. Op basis van signalen vanuit zzp’ers zien we een versnipperd beeld, waarbij zorgorganisaties vooral individueel de keuze maken wat te doen. Daarnaast is uitzenden en detacheren in een sector zoals de ziekenhuizen aangetrokken, maar is dat bij sectoren zoals de GGZ, VG en VVT niet het geval. In die sectoren is de financiële ruimte vaak minder groot. We zien zorgorganisaties die in de media aangaven met zzp inzet te willen stoppen, inmiddels weer overgaan tot de inhuur van zzp’ers.
Uitstroom uit vast dienstverband gaat onverminderd door
Daarnaast blijft de uitstroom van vaste medewerkers een heel groot, maar genegeerd probleem. Dat 3000 zzp’ers in de zorg stoppen werd landelijk nieuws. Dat in diezelfde maand 17.000 vaste medewerkers stoppen haalt het nieuws niet. De noodzaak tot inhuur van flexibele krachten blijft onverminderd groot, door enorme tekorten. In grote lijnen komt het er dan ook op neer dat de inhuur van zzp’ers inmiddels weer aantrekt. Bij navraag blijkt dat intermediairs gemiddeld genomen zo rond de 40 – 70% van hun omzet van vorig jaar januari zitten. De eerste maand van het jaar is sowieso een wat trage maand, omdat de feestdagen zijn afgerond en het jaar weer start. Veel vaste medewerkers zijn als gevolg daarvan weer beschikbaar. De echte spanning op de personele capaciteit moet dus nog komen.
Vast dienstverband blijft onaantrekkelijk
ZZP’ers blijken tot op heden niet te kiezen voor een vast dienstverband, zo blijkt uit een aflevering van BNR Beter. VZOZ voorzitter René Dongelmans geeft aan dat zolang het vaste dienstverband onaantrekkelijk blijft, het handhaven op schijnzelfstandigheid tot onwenselijke gevolgen leidt. De problemen die in het vaste dienstverband al decennia spelen zijn niet opgelost en vallen wat Dongelmans betreft uiteen in drie belangrijke prioriteiten.
- Het vak uitoefenen op een manier die past
- Werk en privé kunnen combineren
- Voldoende inkomen om van rond te kunnen komen
Theo van Uhm, voorzitter van zowel Gehandicaptenzorg Nederland als Brancheorganisaties Zorg (BOZ), geeft aan dat het dienstverband nog steeds aantrekkelijk is, wat zou blijken uit de instroom van nieuwe medewerkers. Zorgorganisaties leunen vaker op uitzendkrachten en gedetacheerden, maar dat maakt de zorg wel fors duurder. Het werd een interessante aflevering waarin het bestuurlijke van de zorg, de praktijk ontmoet.
Ondertussen komt de Belastingdienst er zelf ook niet uit
Halverwege de maand werd een Woo-verzoek over de kwalificatie arbeidsrelatie openbaar gemaakt. Uit de documenten blijkt dat er binnen de Belastingdienst zelf veel onduidelijkheid bestaat over de juiste toepassing van regels en de beoordeling van arbeidsrelaties. De Belastingdienst is intern nog steeds in gesprek met zichzelf over hoe de arbeidsrelatie beoordeeld moet worden. Dit leidt tot verwarring bij zowel inspecteurs, opdrachtgevers als zzp’ers, wat de complexe situatie rondom de Wet DBA en de positie van zelfstandigen bemoeilijkt. De openbaar gemaakte stukken laten zien dat binnen de Belastingdienst discussie is over hoe bepaalde casussen geïnterpreteerd moeten worden. Vertrouwen in de aanpak kan niet groeien zonder een eerlijke en eenduidige behandeling.
Coalitiepartij VVD gaat in gesprek met zzp’ers
“De VVD heeft geconstateerd dat zij van het kabinet geen actie richting zzp’ers hoeven te verwachten”, zo stelt coalitiepartij VVD… Dus ging de VVD op 21 januari zelf in gesprek met zzp’ers, drie weken nadat de 1 januari datum verstreken was. Georganiseerd door Kamerlid Thierry Aartsen en geleid door VVD partijleider Dilan Yeşilgöz. De avond leek onderdeel uit te maken van ‘de agenda voor werkend Nederland van de VVD‘. Media platform ZiPconomy gaf aan dat de VVD met de bijeenkomst haar coalitiepartners onder druk zette, maar dat de politieke haalbaarheid van de voorstellen die de VVD suggereert onzeker blijft. Politiek draagvlak voor een andere aanpak in de handhaving is er namelijk niet. Het werd een avond waar vooral de persoonlijke verhalen van zzp’ers vooral aan bod kwamen. Er werd gepleit voor meer individuele keuzevrijheid en duidelijke regels rondom inhuur. Eén van de reacties onder de YouTube video is sprekend: “Het probleem is… we hebben niet de jaren de tijd om dit op te lossen. Dit moet NU opgelost worden want er staan nu heel veel ZZP-ers op omvallen.” Daar kwam echter geen oplossing voor.
Overheid blijft zelf ook zzp’ers inhuren
Een item van BNR nieuwsradio deze week laat zien dat de overheid zich nog steeds niet aan de eigen regels houdt. Het werk kan niet door zonder zzp’ers. Geen van de ondervraagde ministeries kon antwoord geven op de vraag hoeveel schijnzelfstandigen daar aan het werk zijn. Het eerste kwartaal 2025 zou nog nodig zijn om in kaart te brengen wat de stand van zaken rondom schijnzelfstandigheid is. Dit komt bovenop het nieuws van maanden geleden dat de Belastingdienst zelf door gaat met de inhuur van zzp’ers, terwijl duidelijk is dat hun opdracht in een dienstverband hoort plaats te vinden. Mochten er naheffingen en boetes worden uitgereikt, dan ‘betalen ze die gewoon‘.
Overheid heeft teveel focus op onmogelijkheden
Arbeidsrecht advocaat Joost van Ladesteijn heeft zich ontpopt tot dé vertolker van het oprechte woord over de aanpak schijnzelfstandigheid. Hij vatte treffend samen dat “er teveel aandacht gaat naar de hooligans op de arbeidsmarkt, in plaats van de supporters”. Hij hoopt dat er meer ruimte komt voor objectiviteit en een evenwichtige discussie. Die is er nu onvoldoende en leidt tot onvoldoende draagvlak. Van Ladesteijn ziet dat organisaties met veel macht het speelveld hebben veranderd. Het gaat steeds minder om de menselijke maat en steeds meer op de jacht naar de werkende. Het stellen dat het vast dienstverband de norm is werkt niet ‘als de kerstboom van de arbeidsovereenkomst kraakt door de grote hoeveelheid beschermingsballen die erin hangen‘. Het valt van Ladestijn op dat de SER en de polder wel praat over ‘diversiteit en inclusiviteit‘, maar grote groepen betrokkenen uitsluit. Half december afgelopen jaar gaf minister van Hijum nog aan dat hij tevreden is met hoe inspraak en zeggenschap van organisaties geregeld is.
Kennis over mogelijkheden zorg zzp groeit
Tenslotte zien we ook een andere trend; het kennisniveau over hoe-het-nu-echt-zit neemt toe onder opdrachtgevers. Zij moeten ook wel, toen duidelijk werd dat de politiek de oproep van zorgorganisaties negeerde. Na veel maanden van paniek zaaien door belanghebbenden en ‘experts’ is duidelijk dat niemand de antwoorden heeft. Op de rechter na dan. Goed geïnformeerde opdrachtgevers komen inmiddels tot de conclusie dat schijnzelfstandigheid helemaal niet vanzelfsprekend is op basis van het Deliveroo arrest. Ook weten opdrachtgevers steeds vaker dat de halve waarheid als hele waarheid verkopen tot onnodig veel angst heeft geleid. Een aantal intermediairs hopen dat zzp’ers richting uitzenden en detacheren te dwingen zijn. Dat blijkt echter onbetaalbaar voor zorgorganisaties. Duurbetaalde adviseurs hopen dat organisaties hen inhuren om “de mogelijkheden en onmogelijkheden” rondom schijnzelfstandigheid in kaart te brengen. Onnodig, want de mogelijkheden zijn allang verwoord via het Fiscaal Kompas ZZP Zorg. Het blijkt uiteindelijk aan de zzp’er en de opdrachtgever om te bepalen wat er gebeurt. Opdrachtgevers die zich bewust zijn van de geldende criteria en jurisprudentie, kunnen prima navigeren binnen de huidige regelgeving en zo schijnzelfstandigheid vermijden. Waar de politiek en overheid voorlopig vastzitten in beleidsdiscussies, blijft de werkvloer – zzp’ers en opdrachtgevers – aan zichzelf overgeleverd. ZZP inhuur gaat verder en breidt zich uit, zo is onze verwachting.
