Voor het eerst komt een beroepsgroep in de zorg in actie tegen het standpunt van de Belastingdienst dat er sprake is van schijnzelfstandigheid in de zorg. De landelijke koepel huisartsen komt in verzet tegen het oordeel schijnzelfstandigheid bij zzp huisartsen.
‘Oordeel schijnzelfstandigheid brengt continuïteit in gevaar’
De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) komt in verzet tegen het oordeel van de Belastingdienst over zzp’ers die als waarnemend huisarts actief zijn. De beroepsorganisatie vindt het onbegrijpelijk dat het voorlopig oordeel van de Belastingdienst op ‘schijnzelfstandigheid’ uitkomt voor zzp huisartsen. Na maanden van aandringen heeft de Belastingdienst kleur moeten bekennen bij de LHV. De fiscus stelt nu dat zzp huisartsen een arbeidsovereenkomst moeten hebben. Zowel opdrachtgevers als zzp’ers hebben daar lang niet altijd behoefte aan. Bij het oordeel schijnzelfstandigheid “leggen we ons als LHV niet neer. Zo wordt de continuïteit in de huisartsenzorg zeer moeilijk gemaakt.”
Het is voor het eerst dat een landelijke koepel in verzet komt tegen de aanpak schijnzelfstandigheid in de zorg. Landelijke koepels van zorgorganisaties en landelijk zzp belangenbehartigers hebben die handschoen nog niet opgepakt, ondanks dat ook daar problemen met continuïteit spelen.
Minister van Hijum bíedt helemaal geen duidelijkheid
Waarom ontstaat deze situatie juist nu? Het was minister van Hijum die maanden geleden aangaf dat zzp casuistieken in behandeling zouden worden genomen, als deze werden aangeleverd. Er zou snel duidelijkheid gegeven kunnen worden, want ‘in veel gevallen is wel duidelijk hoe het oordeel uitvalt’. Dit snelle antwoorden blijkt toch anders te liggen. Het is duidelijk dat zzp huisartsen en hun opdrachtgevers lang op zoek zijn naar antwoorden. In april gaf de LHV al een stevig signaal af dat minister van Hijum de suggestie wekte duidelijkheid te bieden, maar dit juist niet doet. De LHV heeft maanden moeten wachten op duidelijkheid over de zzp huisartsen. Dit vermijdingsgedrag zit op dezelfde lijn als het mislukte Fiscaal Kader ZZP Zorg, waar de Belastingdienst op de avond voor publicatie van het Kader toch de stekker uit de samenwerking met zorgorganisaties trok. Het niet bieden van duidelijkheid werd ook daar maximaal uitgespeeld. Het gevolg voor de praktijk: angst en onzekerheid overheersen voortdurend bij de inhuur van zzp’ers.
Belastingdienst vooringenomen en negatief over alle zorg zzp
Landelijke koepels van zorgorganisaties gaven eind vorig jaar al aan dat de Belastingdienst vooringenomen en negatief in haar oordeel zat. “De Belastingdienst gebruikt in alle gevallen het standpunt dat zzp-inzet zowel intra- als extramuraal niet of vrijwel niet mogelijk is en inzet van de meeste zzp’ers op korte termijn moet worden stopgezet… Bij deze standpuntbepaling maakt de Belastingdienst geen onderscheid tussen intramurale en extramurale zorg. Het standpunt van de Belastingdienst wordt slechts deels gebaseerd op inhoudelijk (holistisch) onderzoek.
Nu blijken de huisartsen hetzelfde lot te treffen. Het bestuur van de LHV – “Als LHV zijn wij het absoluut niet eens met dit standpunt van de Belastingdienst. Wij zijn van mening dat er in de beoordeling geen rekening is gehouden met wat werken in de zorg inhoudt en in de huisartsenzorg in het bijzonder. Zo zijn huisartsen volledig zelfstandig aansprakelijk voor het bieden van 24/7 uur zorg. Dat is zeer specifiek voor de huisartsenzorg en volledig anders dan in alle andere sectoren waar de wet DBA ook van toepassing is.”
Zachte landing blijft uit, politiek blijft stil
De beloofde ‘zachte landing’ van de aanpak op schijnzelfstandigheid is deze eerste vijf maanden uitgebleven. Waar minister Van Hijum en staatssecretaris Van Oostenbruggen eerder suggesties wekten over zorgvuldige implementatie en ‘oog voor sectorale nuances’, blijkt de zorgsector al maanden gebukt te gaan onder de vooringenomen houding van de Belastingdienst. De Tweede Kamer is in dit alles opvallend stil. Geen Kamervragen, geen debat en geen spoedoverleg met de beroepsgroep. Dit terwijl de signalen vanuit de zorg zich steeds verder opstapelen. Het zwijgen van de politiek voedt het beeld dat er een verbond gesloten is over het niet politiek ingrijpen in de handhaving, ook al zet dit in een cruciale sector zoals de zorg de continuïteit op het spel. De huisartsenzorg is daarbij één van de vele sectoren die wordt getroffen. Het bijzonder te noemen dat het een beroepsgroep nu in verzet moet komen.
Waar blijven de zzp belangenorganisaties?
De LHV gaat volgens eigen zeggen ‘de strijd aan’. “We zijn het niet eens met de beoordeling van de Belastingdienst en zullen ons tot het uiterste inspannen om hier verandering in te krijgen.” Waar blijven andere beroepsorganisaties in de zorg en vooral de zzp belangenorganisaties met hun strijd? Het standpunt van minister Agema dat de onrust vanwege de aanpak schijnzelfstandigheid slechts ‘strubbelingen’ zijn, blijkt niet het geval. De zorgsector staat onder enorme druk, wat vooral voor vaste medewerkers grote problemen oplevert. Aldus de vakbond voor werknemers. Aan alle kanten piept en kraakt het in de zorg. Bij de zzp belangenorganisaties blijven de problemen onbesproken en wordt de handhaving op schijnzelfstandigheid in de zorg nog steeds gesteund.
ZZP’ers in de zorg blijken inmiddels meer te moeten rekenen op hun beroepsorganisaties dan op hun eigen belangenbehartigers.