Dat er meer zorg met minder mensen tot stand komt presenteert de ING als een succes. De productiviteit in de zorg stijgt. Maar achter die cijfers gaat een andere werkelijkheid schuil. Vacatures lopen op tot recordhoogte, ziekteverzuim blijft torenhoog en de onzekerheid rond schijnzelfstandigheid maakt dat er minder professionals beschikbaar zijn. Het is dus misschien geen efficiëntere zorg die de productiviteit doet groeien, maar vooral extra werk dat vaste medewerkers uitvoeren.
Meer productiviteit, minder zorgprofessionals
ING publiceerde deze week een onderzoek waarin het laat zien dat de zorg sinds 2021 harder aan het groeien is dan ooit. Want waar de zorgproductiviteit de laatste 30 jaar bijna gelijk bleef, is de afgelopen kwartalen een opvallende stijging te zien. Het zorgt ervoor dat de druk in de sector verder oploopt. Het opheffen van het handhavingsmoratorium met de onrust en onduidelijkheid daaromheen komt daar bovenop. Want het aantal zorgprofessionals dat zelfstandig werkt, is in een jaar tijd met 8% gedaald, vertelt het onderzoek. Uit de cijfers van ING blijkt dat één op de vijf zzp’ers overweegt te stoppen en 10.000 zorgprofessionals daarvan de sector helemaal verlaten. Deze stelling zou overigens nog voorzichtig kunnen zijn. Er wordt namelijk geen onderzoek gedaan naar de gevolgen van de handhaving schijnzelfstandigheid op de arbeidsmarkt. Wat wel te meten is dat de vacatures in de zorg stijgen naar recordhoogtes.
Het ‘succesverhaal’ van productiviteit, maar tegen welke prijs?
ING presenteert de cijfers als succes: meer zorg met minder uren. Ook werkgevers wijzen graag naar de stijgende productiviteit als bewijs dat de zorg efficiënter wordt. Maar achter deze cijfers schuilt in de praktijk een harde realiteit. De hogere productiviteit komt vooral tot stand doordat vaste medewerkers extra uren moeten draaien, diensten overnemen en het werk van ontbrekende zzp’ers moeten opvangen. De werkdruk neemt daardoor verder toe. Dat leidt vervolgens tot nog meer ziekteverzuim en uitstroom. Het ‘succes’ wordt dus geboekt over de rug van de mensen die zorg draaiende houden.
Van schijnzelfstandigheid naar schijnoplossingen
Zorgbestuurders lijken bewust niet naar de echte problemen te willen kijken, want dat is “niet goed voor het imago van de sector”. In plaats daarvan zouden digitale hulpmiddelen, AI, innovatie en het doorschuiven van de zorgverantwoordelijkheid naar de mantelzorger dé oplossing zijn. Want zo lezen we ook bij de ING dat digitale toepassingen en grotere inzet van mantelzorg vruchten lijken af te werpen. En hoewel dat in piekmomenten zoals bijvoorbeeld zomerperiodes misschien tijdelijk ietwat lucht kan geven, lost het geen structurele fundamentele problemen op. AI is overigens ook nog helemaal niet zover, maar het lijkt een makkelijk argument om steeds weer op terug te pakken en oplossingen voor de echte problemen te weerleggen. Technologie vervangt geen mensen, het ondersteunt hooguit en heeft een basis nodig. Ook informele zorg vervangt geen formele zorg. Wat het doet is de verantwoordelijkheid verschuiven naar naasten.
Het gevaar dat schuilt in productiviteitsgroei is dat het de structurele problemen overschaduwt en het een schijnoplossing biedt. Want zonder voldoende gekwalificeerde zorgprofessionals ontbreekt de basis voor professionele zorg. En daardoor komt de rekening steeds weer en steeds meer bij vaste medewerkers terecht.
Goed werkgeverschap blijft achter
Ook zorgprofessionals in vaste dienst hebben voldoende collega’s om zich heen nodig om ruimte voor zichzelf te creëren. Om daarmee hun werk op een gezonde manier uit te voeren. Om op een betrokken manier te kunnen werken zoals zij dat willen en te groeien in hun vak. Die ruimte moeten zorgprofessionals ook kunnen vinden in een goede werk-privé balans, in aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden en in waardering. Alles komt samen in het begrip: goed werkgeverschap. Dat is iets anders dan een efficiënte zorgorganisatie. Zonder goed werkgeverschap blijft de druk op vaste medewerkers hoog. Het zou bestuurlijk gezien niet alleen om cijfers moeten gaan, maar om het welzijn van degenen die de zorg daadwerkelijk leveren en ontvangen.
ZZP-stop schuift het probleem door
De afbouw van zzp’ers in de zorgsector lost het personeelstekort niet op. Het verplaatst de lasten naar vaste medewerkers die nu ook nog dié diensten op moeten zien te vullen. Terwijl aan de ene kant hogere productiviteitscijfers als successen worden gevierd, worstelt de werkvloer elke dag met de gevolgen hiervan. Want zij draaien de extra diensten en lopen dagelijks tegen de muur van toenemende werkdruk op. De sector draait nog. Maar niet door betere cijfers. Door de inzet, het uithoudingsvermogen en betrokkenheid van de mensen die elke dag zorg leveren. Maar hoe duurzaam is dat?