Minister Agema gelooft niet dat zzp’ers in de zorg in grote getallen uitstromen als de handhaving op schijnzelfstandigheid het werk teveel belemmerd. Dit blijkt uit Kamervragen die gesteld zijn door de SP. De minister is van mening dat door de handhaving op schijnzelfstandigheid, zzp’ers een dienstverband zullen accepteren.
Verlaten van de zorg is ‘een rigoreuze stap‘
In augustus schreef Trouw een artikel over de vrees van zzp’ers in de zorg voor de Belastingdienst. Wat gaan deze zzp’ers doen, nu hun opdrachtgevers aangesproken kunnen worden door de Belastingdienst en opdrachten lastiger te vinden zijn? Kamerlid Dijk van de SP stelde deze Kamervragen en die leidde tot deze antwoorden van minister Agema. Samengevat komt het erop neer dat het ministerie van VWS verwacht dat de handhaving op schijnzelfstandigheid niet zal leiden tot massale uitstroom. Sterker nog, de handhaving zal gaan leiden tot meer kwaliteit van zorg. “Het stoppen met je baan en het verlaten van de zorg is een rigoureuze stap” geeft de minister aan. Zij heeft om die reden “geen aanleiding te veronderstellen dat zorg-zzp’ers door handhaving van de Belastingdienst op grote schaal de zorg zullen verlaten”. Zorgen over de continuïteit van zorg heeft zij niet. Sterker nog, het omgekeerde is het geval. “Handhaving door de Belastingdienst zal de schijnzelfstandigheid in de zorg verminderen, en daarmee een positieve invloed hebben op continuïteit en kwaliteit van zorg.”
Handhaving schijnzelfstandigheid zal tot dienstverband leiden
Minister Agema geeft aan dat de groei van het aantal zelfstandigen in de zorg tot een vicieuze cirkel van flexibilisering in de zorg leiden. Vaste medewerkers zouden steeds meer gefrustreerd raken van zzp’ers en dat leidt tot meer zzp’ers. Minister Agema: “de toename van zzp’ers veroorzaakt onvrede onder werknemers in loondienst, wat meer mensen aantrekt naar het zzp-schap.” De handhaving op schijnzelfstandigheid zal “in ieder geval bijdragen aan het doorbreken van de stijgende trend in zzp-schap en daarmee het doorbreken van de vicieuze cirkel. De verwachting is dat dit eerder zal leiden tot de wederzijdse wens tot aanstellingen in dienstverband.” Waar deze minister deze verwachting op baseert is niet duidelijk. Er is geen impactanalyse gedaan naar de gevolgen van de handhaving op schijnzelfstandigheid in de zorg. Eigen onderzoek laat zien dat een verplicht dienstverband 75% zzp’ers uit de zorg verdrijft. Dit heeft alles te maken met de omstandigheden in dienstverband.
Passend dienstverband moet nog ontstaan
Het dienstverband is al jaren niet op orde en is de bron gebleken van de flexibilisering in de zorg. Dat benoemt de minister niet, alhoewel er wel voldoende bewijs is dat het dienstverband zzp veroorzaakt. Zo gaf het eigen onderzoeksprogramma van het ministerie van VWS aan dat zzp vooral een gevolg (!) is van beperkingen binnen dienstverband. Aan dit onderzoek is geen vervolg gegeven. Welke beperkingen spelen er zoal? Een tekort aan inkomen is een voorname reden voor uitstroom onder vaste medewerkers. Vorige week gaf minister Agema nog aan dat de loonkloof voor de middeninkomens blijft. Dit zou normaal gesproken leiden tot een verdere toename van zzp’ers, maar dit keer dreigt dat uitstroom te worden door de aanpak van schijnzelfstandigheid. Onderzoek door een pensioenfonds liet namelijk zien dat van alle medewerkers die het vaste dienstverband voorgoed verlaten, slechts 6% zzp’er wordt. 94% verlaat de sector. Ook aan dit onderzoek wordt geen vervolg gegeven. Ook blijkt uit de antwoorden op deze Kamervragen dat de minister nog moet starten met zeggenschap over werkroosters, op goede resultaten hoopt van regionaal werkgeverschap, een “leidraad vakmanschap en werkplezier” gaat beschrijven en een “bewustwordingscampagne” over de stap naar zzp gaat lanceren. Dit moet allemaal nog ontstaan, terwijl zzp’ers volgens diezelfde minister vast en zeker zullen gaan kiezen voor een dienstverband.
De regie over de arbeidsmarkt in de zorg ontbreekt volledig.