Werkdruk

Onafhankelijk onderzoek naar zzp’ers in de zorg komt uit bij een heel ander probleem

Al jaren gaat de discussie rondom zzp’ers in de zorg vooral over hun aanwezigheid. Een nieuw onafhankelijk rapport startte bij die werkvorm, maar kwam uit bij problemen zoals werkdruk, autonomie, flexibiliteit en arbeidsmarktkrapte. Terwijl de aandacht zich de afgelopen jaren richtte op een contractvorm, stellen onderzoekers vast dat het probleem ligt bij de manier waarop werk in de zorg wordt georganiseerd. Niet de werkvorm zzp blijkt centraal te staan bij het maken van een keuze richting flexibel werken, maar de universele behoeften van alle zorgprofessionals.

Een breed en onafhankelijk onderzoek naar zzp’ers in de zorg

De discussie over zzp’ers in de zorg gaat niet voor of achteruit. Werkgevers waarschuwen voor oplopende kosten en problemen in teams. Vakbonden wijzen op verschillen tussen werknemers en zelfstandigen. Politici spreken over schijnzelfstandigheid onder zzp’ers en een duurzame arbeidsmarkt. Belangenorganisaties van zzp’ers leggen de nadruk op ondernemerschap, autonomie en de gevolgen van het zzp ontmoedigingsbeleid.

Iedereen heeft zo zijn eigen belang, maar wat zijn de feiten?

Een nieuw rapport van Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn (AZW) in samenwerking met onderzoeksbureau Panteia, is om die reden bijzonder relevant. AZW is het landelijke kennisprogramma voor de arbeidsmarkt in zorg en welzijn. Panteia behoort al jaren tot de serieuze onderzoeksbureaus op het gebied van arbeidsmarkt- en sociaaleconomisch onderzoek. De samenwerking leverde een rapport op dat niet probeert te bewijzen of ‘zzp in de zorg’ goed of slecht is, maar haalde de feiten op basis van data naar boven. Wie het rapport leest, loopt niet weg met één conclusie over dé zzp’er in de zorg. Het beeld dat ontstaat is juist veel breder en genuanceerder.

Het zzp-dossier in kaart

De onderzoekers brengen vrijwel het volledige zzp-dossier in kaart. Ze kijken naar de ontwikkeling van het aantal zzp’ers, de verschillen tussen branches en regio’s, de arbeidsmarktkrapte, de kenmerken van zzp’ers en de mobiliteit tussen loondienst en zzp. Er wordt ingegaan op de motieven om zzp’er te worden, de redenen om ermee te stoppen, de gevolgen voor teams en de manier waarop werkgevers zzp’ers inzetten.

De onderzoekers laten zien dat de werkelijkheid sterk verschilt per zorgbranche, beroepsgroep en regio. Dat maakt dit rapport relevant voor vrijwel iedereen die de afgelopen jaren een mening over zzp’ers in de zorg heeft gevormd. Beleidsmakers, beroepsorganisaties, werkgevers, vakbonden en zorgbestuurders zouden er kennis van moeten nemen. Ook voor zelfstandige zorgprofessionals zelf én mensen in vaste dienst zijn de conclusies van belang. De data laat zien dat het dossier lastiger is dan de one-liners die nu vaak worden gebruikt.

De discussie gaat over zzp’ers. Het rapport gaat over zorgprofessionals.

De belangrijkste conclusie uit het rapport is tegelijkertijd de meest herkenbare voor onszelf. Zzp in de zorg gaat niet over de werkvorm zzp. Het gaat over de behoeften van zorgprofessionals. Aan het einde van ruim vijftig pagina’s onderzoek komt AZW uit op de juiste vraag. In plaats van het gebruikelijke ‘hoe verminderen we het aantal zzp’ers in de zorg?’, kwam AZW tot de kern: ‘hoe organiseren we voldoende flexibiliteit én voldoende stabiliteit in de zorg’ voor alle professionals?

Dit staat in schril contrast met de huidige discussie over zzp’ers in de zorg en de aanpak van de arbeidsmarkt. Momenteel gaat de energie naar vermeende ‘schijnzelfstandigheid’ en ‘handhaving’. Over welke contractvormen wel en niet wenselijk zijn voor zorgprofessionals. Over de vraag óf zorgprofessionals wel of niet als zelfstandige zouden mogen werken. Hoe niet solidair dat wel niet zou zijn. Dat blijkt niet de kern van de discussie.

De conclusie van het rapport verschuift de aandacht van de contractvorm zzp naar de behoeften van zorgprofessionals.

Zorgprofessionals zoeken naar gezonde werkomstandigheden

Want de manier waarop het werk georganiseerd wordt in de zorg, leidt tot mobiliteit. Terwijl beleidsmakers, zorgbestuurders en vakbonden proberen de zzp geest terug in de fles te krijgen, zijn zorgprofessionals met heel andere problemen bezig. Werkdruk. Regie over je werktijden. Voldoende collega’s om je heen. Continuïteit van zorg voor cliënten. Flexibiliteit van aanpak. Stabiliteit in zowel werk als privé.

Bekende argumenten? Uiteraard. Maar ditmaal wijst ook de data naar deze onderliggende vraagstukken, terwijl er onderzoek wordt gedaan naar zzp. Omdat werkomstandigheden onder druk staan, blijven zorgprofessionals voortdurend bewegen tussen loondienst en zelfstandigheid. Als het werk niet anders georganiseerd wordt, blijft de arbeidsmarktkrapte op deze manier ontstaan. Zo stelt het eigen onderzoeksprogramma van het ministerie van VWS.

Uit het rapport blijkt niet dat personeelstekorten, werkdruk en de behoefte aan flexibiliteit verdwijnen wanneer zorgprofessionals in loondienst gaan werken. Het ‘vaste dienstverband als norm’, blijkt voor de zorg een kwetsbaar uitgangspunt.

Minder zzp’ers lost het probleem niet op

Het rapport laat zien dat de krapte blijft bestaan, ook als de inzet van zzp’ers afneemt. De stap naar een dienstverband ligt niet voor de hand.

De arbeidsmarkt in zorg en welzijn was in 2023 zeer krap. In 2024 was die zeer krap. In 2025 was die nog steeds zeer krap en nam de spanning zelfs verder toe. Vooral verpleegkundigen, gespecialiseerd verpleegkundigen, artsen en andere cruciale beroepsgroepen blijven schaars. Het zijn juist deze beroepsgroepen die in zzp-vorm door de handhaving op schijnzelfstandigheid verder onder druk zijn komen te staan.

In bepaalde deelsectoren van de zorg is inderdaad te zien dat de inzet van zzp’ers afneemt. Dat was jarenlang het doel van beleid, handhaving en ontmoedigingsmaatregelen. De onderliggende gedachte was dat minder zzp’ers tot meer zorgprofessionals in loondienst zou leiden. Vervolgens zou de stabiliteit weer toenemen. Dat blijkt niet het geval. De arbeidsmarkt blijft krap. De behoefte aan flexibiliteit blijft bestaan en werkgevers vissen nog steeds in een zeer schaarse arbeidsmarkt.

Welk probleem lost minder zzp dan eigenlijk op?

Het rapport laat zien dat zorgprofessionals vooral kiezen voor zelfstandigheid vanwege autonomie. Invloed op werktijden, grip op werkdruk en de balans tussen werk en privé spelen volgens de data een belangrijke rol. Een andere contractvorm leidt daarom niet automatisch tot een andere arbeidsmarkt. Want als het dienstverband knelt, blijven die onderliggende redenen voor mobiliteit bestaan.

Waarom gaat het eigenlijk steeds over zzp’ers?

Na jaren van politieke aandacht en mediaberichten zou je bijna denken dat zzp’ers een dominante groep binnen de zorg vormen. Dat is niet het geval. AZW laat zien dat vaste werknemers veruit de grootste groep binnen zorg en welzijn vormen. Van de 1,3 miljoen werkenden in de zorg bestaat 72% uit vaste werknemers, 15% uit flexwerkers en slechts 13% uit zzp’ers in de zorg.

Waarom gaat zo’n groot deel van de discussie over een relatief kleine groep zorgprofessionals?

Het AZW-rapport geeft geen direct antwoord op die vraag. De cijfers maken wel duidelijk dat de discussie over zzp’ers soms groter lijkt dan de groep waarover wordt gesproken. In het geval van de sector Verzorging, Verpleging en Thuiszorg (VVT) valt ons bijvoorbeeld op dat zorgbestuurder na zorgbestuurder graag de media opzoekt met de zzp-stop als heldendaad. Volgens AZW bestond in 2023 ongeveer 4% van alle medewerkers in de VVT uit zelfstandigen. Toen moest de handhaving nog van start gaan.

Als 96% van het personeelsbestand geen zzp’er is, waarom gaat de aandacht dan zo vaak naar zzp’ers en niet naar de arbeidsomstandigheden van de overige 96%?

Wat leren wij zelf van dit rapport?

Een rapport als dit is vooral interessant wanneer het niet alleen de aannames van anderen test, maar ook die van jezelf. Wie onze artikelen volgt, weet dat wij kritisch zijn op de manier waarop de overheid, zorgbestuurders, vakbonden, beroepsorganisaties en delen van de zorgsector eenzijdig de discussie over zzp’ers hebben gevoerd. Ook in dit rapport zien we veel terug van wat zorgprofessionals ons de afgelopen jaren hebben verteld en wat we hebben opgeschreven. Werkdruk, autonomie, regie over werktijden en de behoefte aan flexibiliteit blijken inderdaad belangrijke factoren voor mobiliteit te zijn. De stap naar zzp wordt (te) vaak gedreven door slechte werkomstandigheden.

Toch dwingt het rapport ook onszelf tot een aantal nuanceringen.

De belangrijkste is dat “de zorgsector” niet bestaat, net zoals “dé zzp’er in de zorg” niet blijkt te bestaan. De verschillen tussen branches blijken veel groter dan wij ook zelf veronderstellen. We schrijven vaak over generieke problemen, maar dat suggereert ook generieke oplossingen. Dat ligt genuanceerder. Niet iedere sector heeft hetzelfde probleem. Niet iedere sector heeft dezelfde behoefte aan flexibiliteit. Niet iedere sector ervaart dezelfde gevolgen van handhaving, zo blijkt. Juist daarom valt dit rapport te waarderen. We gaan als gevolg van dit rapport vaker in op de nuances per deelsector binnen de zorg.

Wat als het nooit over zzp ging?

Het rapport is geen pleidooi vóór zzp en geen pleidooi tégen zzp. Het is een poging om te bepalen wat de beschikbare data daadwerkelijk laten zien. Dat is bijzonder, omdat deze herkenbare conclusies niet afkomstig zijn van een belangenorganisatie voor zzp’ers, maar uit een onderzoek van het arbeidsmarktprogramma van de sector zelf.

Het onderzoek trekt de kern van de problematiek goed naar boven. De feiten wijzen steeds opnieuw naar dezelfde onderliggende vraagstukken voor álle zorgprofessionals. Hoe gaan we om met flexibiliteit, stabiliteit, autonomie en een structureel krappe arbeidsmarkt? De contractvorm op zichzelf is hierbij niet het vertrekpunt van de discussie.

Als dat zo is, waarom hebben we dan de afgelopen drie jaar vooral over zzp’ers gesproken? Waarom gaat de discussie over schijnzelfstandigheid, handhaving en contractvormen, terwijl de onderzoekers uitkomen bij de manier waarop werk in de zorg wordt georganiseerd? Hoe faciliteren we het werk in de zorg op zo’n manier, dat de mensen die het werk doen het volhouden? Het zou professionals die vast, flex en zzp werken veel waard zijn om het gesprek daar te laten beginnen.

Het onderzoek zelf lezen? Onderaan deze pagina over de feiten rondom zzp’ers in de zorg vind je het complete document.

Bewust starten en aan alle eisen voldoen?
Het WTZa abonnement

€10,-

per maand (incl. BTW)
Onze gratis e-books
wtza checklist
Wtza checklist

Voldoe jij al aan de Wtza? Met deze checklist controleer je of jij voldoet aan de Wet Toetreding Zorgaanbieders die van kracht is sinds 1 januari 2022.

  • Wanneer moet je voldoen aan de Wtza?
  • Hoe controleer je of je in het Landelijk Register Zorgaanbieders (LRZa) staat?
  • Hoe vraag je eHerkenning aan?
wkkgz checklist
Wkkgz checklist

Met deze checklist controleer je of jij voldoet aan de Wet Kwaliteit Klachten en Geschillen Zorg die van kracht is sinds 1 januari 2016.

  • Wanneer moet je voldoen aan de WKKGZ en Wtz?
  • Hoe controleer je of je in het Landelijk Register Zorgaanbieders (LRZa) staat?
  • Hoe vraag je eHerkenning aan?
zorg webinar
Gratis overzicht met top 5 risico's

Het zzp-schap voor zorgprofessionals biedt mooie kansen, maar komt ook met verantwoordelijkheden en verplichtingen.

Krijg inzicht in risico’s en hoe je ermee om kan gaan als zzp’er in de zorg.

Blijf op de hoogte

Elke 2 weken de belangrijkste updates in je mailbox

Start met de gratis
uitlegvideo's

Binnen enkele minuten ontvang je een e-mail met jouw inloggegevens voor ons platform. Met deze gegevens kun je direct inloggen en de gratis video’s bekijken.