Personeelstekorten in de zorg beperken zich niet meer alleen tot roosters of wachtlijsten. Een recent onderzoek van Trouw laat zien dat rechters in de jeugdzorg inmiddels rekening houden met personeelstekorten bij hun beslissingen over kinderen. Een ontwikkeling die niet alleen jeugdzorg raakt, maar ook de richting waarin het Nederlandse zorgstelsel naartoe gaat.
Personeelstekorten bereiken de rechtszaal
Door personeelstekorten in de zorg krijgen cliënten minder, niet of later hulp. Wachttijden lopen op en verantwoordelijkheid schuift steeds wat verder op naar mantelzorgers en naasten. Net als in andere sectoren heeft ook jeugdzorg te maken met hoge werkdruk, complexer wordende casuïstiek en een structureel tekort aan collega’s.
Uit een recent onderzoek van Trouw blijkt dat personeelstekorten niet alleen gevolgen hebben voor de uitvoering van zorg, maar inmiddels ook een rol spelen in de beslissingen die rechters over kinderen nemen. In meerdere zaken werd het tekort aan jeugdbeschermers meegewogen in de afweging van de rechter. In sommige gevallen werden noodzakelijke maatregelen niet opgelegd, omdat er geen professionals beschikbaar waren om de maatregel uit te voeren. Het heeft namelijk weinig zin als er niemand beschikbaar is om deze in de praktijk uit te voeren. De arbeidsmarktkrapte raakt niet alleen meer het verlenen van zorg, maar ook de rechtspraak.
‘Passende zorg’ en schaarste
‘Passende zorg’ zou het antwoord zijn op de vraag welke zorg daadwerkelijk waarde toevoegt voor de patiënt. Zelfredzaamheid en eigen regie vormen daarbij belangrijke uitgangspunten. En daar kun je in feite niet tegen zijn, want niemand is voor onnodige zorg. Net zoals je niet tegen fraude kunt zijn. Personeelstekort mag als verklaring worden opgevoerd om geen zorg te verlenen. Het voorbeeld in de jeugdzorg laat zien wat ‘passende zorg’ in de praktijk betekent. Er zijn onvoldoende professionals beschikbaar en kwetsbare kinderen krijgen als gevolg daarvan geen zorg. Dat is ‘passende zorg’ in de praktijk.
Zelfredzaamheid, eigen regie en ‘passende zorg’ worden gepresenteerd als inhoudelijke keuzes, maar personeelstekorten en andere capaciteitsproblemen op de achtergrond zijn de motor. Niet alleen de behoefte aan zorg is bepalend, maar ook de beschikbaarheid ervan.
Wat betekent dit voor een kind?
Als de ontwikkeling of veiligheid van een kind in gevaar is, kan een rechter ingrijpen. Een zorgprofessional in de vorm van een jeugdbeschermer gaat dan meekijken in het gezin en kan verschillende interventies uitvoeren om de omstandigheden voor het kind te verbeteren. Jeugdbescherming is jeugdzorg onder dwang en een rechter beslist of dat op zijn plaats is. Rechters spreken over complexe afwegingen waarin meerdere belangen samenkomen. Dit is wettelijk geregeld, maar betekent in de praktijk niet langer dat je deze zorgt krijgt. De beschikbaarheid van zorg is inmiddels onderdeel geworden van de afweging, want ook de jeugdzorg kampt al jaren met een tekort aan zorgprofessionals. De afgelopen drie jaar kwam het zeker zestien keer voor dat rechters het tekort jeugdbeschermers noemden als één van de overwegingen om van noodgedwongen jeugdzorg af te zien.
Brancheorganisatie Jeugdzorg Nederland: “Het zou beter zijn als rechters geen rekening hoeven te houden met het tekort. […] Maar gezien de omstandigheden (de personeelstekorten) is het goed dat de rechter rekening houdt met het tekort aan medewerkers.”
Wanneer hulp nodig is, maar niet beschikbaar
Voor een rechter is dat begrijpelijk. Een maatregel heeft weinig waarde wanneer er vervolgens geen jeugdbeschermer beschikbaar is om die maatregel uit te voeren. Maar het gaat om kinderen waarvan wordt vastgesteld dat hun ontwikkeling, veiligheid of welzijn onder druk staat. Kinderen waarvoor hulp nodig wordt geacht. Wanneer vervolgens wordt vastgesteld dat een maatregel niet wordt opgelegd, omdat er onvoldoende professionals beschikbaar zijn, gaat het niet alleen meer over wat een kind nodig heeft, maar ook over wat het systeem nog kan leveren.
Voor het kind maakt dat verder weinig verschil. Want de problemen blijven bestaan en de hulp komt niet. Niet omdat rechters verkeerde keuzes maken, maar omdat grenzen zichtbaar worden in de uitkomst van hun beslissing.
Van recht op zorg naar zorg onder voorwaarden
In verschillende delen van de zorg gaat de beschikbaarheid van zorgprofessionals vaker bepalen welke zorg nog geleverd kan worden. Onder de noemer ‘passende zorg’ blijven ouderen langer thuis wonen, lopen wachttijden op en nemen mantelzorgers steeds meer taken over die voorheen door professionals werden uitgevoerd.
De situatie in de jeugdzorg laat zien hoe ver die ontwikkeling inmiddels reikt. Niet alleen zorgorganisaties en beleidsmakers houden rekening met personeelstekorten, maar ook rechters worden ermee geconfronteerd. Schaarste bepaalt daarmee vaker op welke zorg iemand mag rekenen, waardoor het onvoorwaardelijk recht op zorg verder onder druk komt te staan.