Minister Agema, belast met het behoud van de zorgsector, presenteerde deze week twee brieven die een grote tegenstelling laten zien: een stijgend tekort aan personeel en een strikter handhavingsbeleid tegen zzp’ers. Deze gescheiden aanpak ondermijnt niet alleen het vertrouwen in het zorgbeleid, maar vergroot ook de kwetsbaarheid van de sector. Voor minister Agema zijn de arbeidsmarkt en zzp’ers twee gescheiden dossiers.
Het Integraal Zorgakkoord implodeert: arbeidsmarkt onderuit
Het Integraal Zorgakkoord (IZA) werd ooit gepresenteerd als een ambitieus plan om de zorg toekomstbestendig te maken, maar dreigt nu in de praktijk te imploderen. Het fundament van het Zorgakkoord was het aanpakken van de groeiende personeelstekorten in de zorg en het komen tot structurele hervormingen. Deze plannen botsen inmiddels stevig met onverwachte nieuwe bezuinigingen. Daar bovenop komt het nieuws dat het tekort aan zorgpersoneel nog harder stijgt dan verwacht. Een reeks aan belangenorganisaties is inmiddels uit het Akkoord gestapt vanwege een gebrek aan vertrouwen in de minister. Deze week staat het beleid voor de arbeidsmarkt in de zorg op de agenda en moet zij uitleg geven. De minister staat voor een commissiedebat over het arbeidsmarktbeleid in de zorg en kwam deze week met twee Kamerbrieven. De één ging in op de arbeidsmarkt in de zorg, de ander op zzp’ers en de aanpak schijnzelfstandigheid. Voor minister Agema zijn de arbeidsmarkt en zzp’ers inmiddels twee gescheiden dossiers.
Eén minister, twee tegenstrijdige brieven
De brieven van 16 december over de arbeidsmarktprognose voor de zorg en die van 17 december over de gevolgen van schijnzelfstandigen in de zorg laten zien hoe het onderlinge verband tussen zzp en de arbeidsmarkt wordt genegeerd.
De arbeidsmarktprognose
In de ene brief wordt een somber beeld geschetst van de toekomstige arbeidsmarkt. De tekorten blijven oplopen, met een geschat tekort van 266.000 zorgmedewerkers in 2034. De minister benadrukt dat het personeelsaanbod onvoldoende is om de stijgende zorgvraag bij te benen, mede door vergrijzing en een dalende arbeidsproductiviteit. Om het tij te keren, zet ze in op het verlagen van administratieve lasten, arbeidsbesparende technologieën en een focus op preventieve gezondheidszorg. Zij gaat niet in op het voornaamste probleem: de loonkloof die maakt dat zorgmedewerkers niet rond kunnen komen.
Opheffing van het handhavingsmoratorium
De andere brief behandelt de opheffing van het handhavingsmoratorium op schijnzelfstandigheid. Vanaf 2025 zijn er financiële consequenties verbonden aan zzp-constructies die als verkapt dienstverbanden worden gezien. Als gevolg daarvan verkeren zorgorganisaties in angst en onzekerheid. Alhoewel minister Agema erkent dat zzp’ers bewust voor het ondernemerschap kiezen en een belangrijke bijdrage leveren, is de boodschap duidelijk: schijnzelfstandigheid moet worden aangepakt. “De opheffing van het handhavingsmoratorium is dan ook een van de maatregelen van het kabinet om schijnzelfstandigheid tegen te gaan.” De minister lijkt daarmee niet gevoelig voor de oproep van zorgorganisaties aan de Tweede Kamer om zzp inzet ook in 2025 door te zetten.
In de praktijk zijn zzp’ers onmisbaar
De tegenstrijdigheid tussen de twee dossiers wordt pijnlijk duidelijk wanneer je het aandeel van zzp’ers in de zorgsector ziet. Momenteel vormen zij 15% van de totale groep aan zorgmedewerkers. Deze groep wordt vaak ingezet om acute personeelstekorten op te vangen, bijvoorbeeld bij avond-, nacht- en weekenddiensten of in complexe casussen waar vaste krachten niet voldoende beschikbaar zijn. Landelijke zorgkoepel Actiz spreekt over beddensluitingen, gedwongen leegstand, minder extramurale uren en behandelingen, minder kunnen inspelen op acute aanvragen en het slechts kunnen leveren van basis zorg. Ondanks die onmisbare rol, stelt het beleid van Agema de verwachting dat de zorgsector zonder deze zzp’ers moet functioneren.
Zijn zzp’ers niet nodig?
In de brief over de arbeidsmarkt wordt nergens verwezen naar het belang van zzp’ers om de tekorten tijdelijk op te vangen. De focus ligt volledig op langdurige oplossingen zoals technologische innovaties en administratieve verlichting, die pas op de lange termijn effect zullen hebben. Dit negeert de realiteit dat zonder zzp’ers veel zorginstellingen de continuiteit van zorg niet op orde houden. Daar heeft de minister geen boodschap aan. “Werken met een uitzondering op de handhaving voor een bepaalde sector acht ik juridisch onhoudbaar, voor de uitvoering onhaalbaar en beleidsmatig onwenselijk, zeker uit oogpunt van rechtsgelijkheid tussen sectoren.” De minister bleek vorige maand nog een uitzondering te maken voor medisch specialisten. Rechtsgelijkheid blijkt daarmee een flexibel begrip.
Of is de zorg afhankelijk van zzp’ers?
Zzp’ers worden door zorgorganisaties vaak als een laatste redmiddel ingezet om personeelstekorten te dichten. Het wegvallen van deze flexibele schil brengt de continuïteit van zorg ernstig in gevaar. Dit is vorige week nog aangehaald door zorgorganisaties, die merken dat zij beschikbare zorg terug moeten schalen door belemmeringen rondom zzp inzet. Terwijl minister Agema in haar brief het belang van vaste contracten benadrukt, biedt zij geen concrete oplossingen voor de directe gevolgen van de strengere handhaving op zzp-constructies. Voor minister Agema zijn de arbeidsmarkt en zzp’ers twee gescheiden dossiers.
Tegenstrijdige aanpak vergroot kwetsbaarheid van de zorgsector
De zorgsector wordt geconfronteerd met een fundamenteel probleem: enerzijds is er een steeds groter tekort aan personeel, anderzijds wordt de inzet van zzp’ers belemmerd. Door deze onderwerpen als aparte dossiers in twee verschillende brieven te behandelen, blijft de minister steken in een tegenstrijdige aanpak. De uitspraak dat “het afwenden van een onbeheersbaar arbeidsmarkttekort als een rode draad door al mijn beleid” getrokken wordt, mag met een korrel zout genomen worden. Het zorgakkoord, dat een samenhangende oplossing zou moeten bieden, lijkt ten onder te gaan door de afstand tussen uitspraken van de minister en haar beleid. Deze maatregelen staan namelijk op gespannen voet met de praktijk. Het gevolg? Een zorgsector die in toenemende mate kwetsbaar wordt, terwijl structurele oplossingen nog jaren op zich laten wachten. Minister Agema behandelt de zzp-problematiek en het arbeidsmarktvraagstuk als gescheiden dossiers, maar de gevolgen van dit beleid versterken elkaar op een negatieve manier.