Werkgevers in alle sectoren zoeken manieren om de inzet van zzp’ers beter te organiseren, zo blijkt uit onderzoek van een grote landelijk werkgeversorganisatie. Alleen in de zorg gebeurt het tegenovergestelde. Daar proberen zorgorganisaties ervoor om de samenwerking met zelfstandigen volledig te beëindigen. Terwijl zzp inzet goed mogelijk is.
Werkgeversorganisatie: opdrachtgevers gaan door met zzp inzet
Werkgeversorganisatie Algemene Werkgeversvereniging Nederland (AWVN) publiceerde onlangs een ledenonderzoek naar de gevolgen van de handhaving op schijnzelfstandigheid. De AWVN vertegenwoordigt via haar leden direct en indirect ongeveer 200.000 werkgevers met in totaal ongeveer 5 miljoen werknemers in Nederland. Het is daarmee een centrale werkgeversorganisatie in het Nederlandse poldermodel. Ze deed onderzoek naar zzp inzet.
De uitkomsten van hun onderzoek laten een opvallend beeld zien. In de meeste sectoren stoppen bedrijven niet met het inhuren van zzp’ers. Slechts 7% van de werkgevers geeft aan helemaal te zijn gestopt met de inzet van zelfstandigen. De groep organisaties die door gaat met zzp inzet is veel groter. Zo heeft 47% van de werkgevers opdrachten of contracten aangepast om met zzp’ers te kunnen blijven werken. 43% heeft zelfstandigen een dienstverband aangeboden en 40% huurt minder zzp’ers in. Daarnaast wijkt 29% uit naar andere flexvormen, zoals uitzend- of detacheringsconstructies.
De reflex van werkgevers in brede zin is dus niet om zzp-inzet te beëindigen, maar om deze anders te organiseren. In de zorgsector is in dat opzicht iets afwijkends gebeurd. Daar kiezen veel zorgorganisaties er juist voor om helemaal te stoppen met de inhuur van zzp’ers. Terwijl dit ook hier niet nodig is.
Waarom reageert de zorgsector zo anders dan de rest van de economie?
Andere sectoren passen hun zzp-inhuur aan
In andere sectoren is de reactie op de handhaving vooral praktisch. Bedrijven zoeken naar manieren om de inzet van zelfstandigen juridisch beter te organiseren, in plaats van die inzet volledig te beëindigen. Dat betekent bijvoorbeeld dat opdrachten duidelijker worden afgebakend, dat er vaker projectmatig wordt gewerkt of dat zelfstandigen worden ingezet in tijdelijke rollen met een duidelijke opdrachtomschrijving. Sommige organisaties kiezen ervoor om via detachering, brokers of andere tussenconstructies te werken. Het uitgangspunt daarbij lijkt steeds hetzelfde: hoe kunnen we zelfstandige inzet juridisch correct organiseren binnen de bestaande regels?
De zorgsector schreef eigen richtlijn voor veilige inhuur
De zorgsector heeft zelf een manier beschreven om zzp’ers juridisch veilig in te huren. In 2024 ontwikkelden de landelijke brancheorganisaties gezamenlijk het Fiscaal Kompas ZZP Zorg. Dit document beschrijft hoe zorgorganisaties zelfstandige zorgprofessionals kunnen inhuren op een manier die zo goed mogelijk aansluit bij de fiscale regels en de eisen rondom kwaliteit van zorg. Het Kompas bevat onder meer modelovereenkomsten, stappenplannen en criteria om te beoordelen wanneer sprake is van zelfstandig ondernemerschap en wanneer mogelijk van schijnzelfstandigheid.
Met het Fiscaal Kompas probeerden zorgorganisaties hun leden dus juist te helpen om de inzet van zzp’ers veilig en juridisch zorgvuldig te organiseren, zoals andere sectoren ook zijn gaan doen. Dat maakt de huidige ontwikkeling opmerkelijk. De sector die als eerste een uitgebreide richtlijn ontwikkelde om veilige inhuur van zzp’ers mogelijk te maken, lijkt nu in veel gevallen te kiezen voor een strategie waarin de samenwerking met zelfstandigen helemaal wordt beëindigd.
De zorgsector: een compleet ander patroon
Veel zorgbestuurders kozen bewust voor een strategie waarbij zzp-inhuur volledig wordt beëindigd of sterk wordt ontmoedigd. In delen van de sector is zelfs sprake van een expliciet “nul-zzp-beleid”, regionale ontwikkelingen waarbij geen zelfstandigen meer worden ingehuurd en informele druk op organisaties die wél zzp’ers in willen huren. In een eerdere analyse op dit platform worden vier redenen beschreven die verklaren waarom zorgorganisaties toch afzien van zzp-inhuur.
Nu blijkt dat dit gedrag duidelijk afwijkt van de rest van de arbeidsmarkt. Waar bedrijven in andere sectoren hun contracten aanpassen en zoeken naar manieren om zelfstandigen juridisch correct te blijven inzetten, is in de zorgsector een andere reflex ontstaan.
Als vrijwel alle andere sectoren doorgaan met zzp-inhuur, maar zorgorganisaties in dezelfde periode tegelijkertijd besluiten om die inzet te beperken of te beëindigen, valt dat op. Voor veel zelfstandige zorgprofessionals bevestigt dit het beeld dat er binnen de sector afspraken zijn gemaakt om zzp inzet terug te dringen. De praktijk laat zien dat zorgorganisaties in veel gevallen precies dezelfde koers varen, ondanks het feit dat er juridisch nog steeds mogelijkheden bestaan om zelfstandigen in te huren.
Zorgbestuurders zetten hun eigen medewerkers niet op 1
De gevolgen van het terugdringen van zzp-inzet in de zorg sluiten goed aan bij de problemen die zorgorganisaties zelf eerder hebben beschreven. In het manifest “De medewerker op 1” uit december 2022 waarschuwden zorgbestuurders voor een sector waarin de druk op personeel structureel te hoog is. In het manifest staat dat “het ziekteverzuim structureel te hoog is en wachtlijsten voor ouderenzorg onaanvaardbaar hoog zijn.” Dat beeld past inmiddels, drie jaar later, bij de huidige arbeidsmarktontwikkeling. De zorgsector kampt al jaren met personeelstekorten en hoge werkdruk. De Arbeidsmarktprognoses zorg 2025–2035 laat zien dat het tekort oploopt tot 260.000 medewerkers. Zorgvuldig omgaan met vaste medewerkers zou dus prioriteit moeten zijn.
Veel organisaties kozen er toch voor om flexibele inzet sterk te beperken.
Want we zien een krimp in het aantal zelfstandigen in delen van de zorg. Volgens recente analyses is het aantal zzp’ers in de zorg tussen 2024 en 2025 met ongeveer 13% gedaald, terwijl de afname in de verpleging, verzorging en thuiszorg (VVT) zelfs rond de 63% ligt. De sector die in 2022 nog suggereerde om ‘de medewerker op 1’ te zetten, had jarenlang het grootste aantal zzp’ers en het hoogste verzuim van alle zorgsectoren.
Het verschil met andere sectoren is bestuurlijk, niet juridisch
Als zelfstandige inzet wordt afgebouwd, terwijl de arbeidsmarkt krap blijft en de zorgvraag groeit, ontstaat overbelasting van het bestaande personeel. Hogere werkdruk, stijgend ziekteverzuim en hogere kosten voor uitzenden zijn inmiddels zichtbaar in de praktijk. Dat had niet gehoeven, zoals het onderzoek van AWVN laat zien en zoals ook het Fiscaal Kompas ZZP Zorg al liet zien.
Het verschil met andere sectoren is niet juridisch, maar bestuurlijk. Waar bedrijven in andere sectoren zoeken naar manieren om binnen de regels met zelfstandigen te blijven werken, hebben bestuurders in de zorg er in veel gevallen voor gekozen om de inzet van zzp’ers terug te dringen. Die koers hangt samen met politieke druk, de manier waarop de Belastingdienst communiceert, netwerken tussen zorgorganisaties en een cultuur waarin zorgbestuurders elkaar kritisch aanspreken als je wél zzp’ers inzet.
De vergelijking met andere sectoren maakt één ding duidelijk: het verdwijnen van zzp’ers in de zorg is geen onvermijdelijke uitkomst van nieuwe wetgeving, maar vooral het gevolg van bestuurlijke keuzes binnen de sector zelf.