Het debat over de handhaving op schijnzelfstandigheid bracht geen oplossingen. De onzekerheid voor opdrachtgevers en opdrachtnemers blijft daarmee voorlopig in stand. Het wachten is nu op de volgende stap van de Tweede Kamer.
Gedwongen solidariteit boven zelfbeschikking
Afgelopen vrijdag werd duidelijk dat de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de onzekerheid op de arbeidsmarkt wil laten bestaan. Dit maakte hij bekend via een Kamerbrief. De onrust over de handhaving DBA en schijnzelfstandigheid neemt toe, omdat niet precies duidelijk is wanneer je wel en niet buiten dienstverband samenwerkt met een zzp’er. Dit is sinds 2016 het geval, maar hier wil minister van Hijum (NSC) niet veel aan veranderen. Het werken met modelovereenkomsten wordt afgebouwd en de handhaving op schijnzelfstandigheid zou volgens planning kunnen starten op 1-1-2025. Bij het Rondetafelgesprek de dag voor de Kamerbrief werd al duidelijk dat de eigen belangen van de Belastingdienst en de vakbond voor het belang gaan een arbeidsmarkt waar zoveel mogelijk mensen aan het werk zijn. Een dwingend dienstverband is belangrijker dan werken op een manier die bij werkenden past. De vraag was of politieke partijen de minister van SZW via het commissiedebat vandaag konden overtuigen van het opschorten van de handhaving. Dat bleek niet het geval. Het belang van solidariteit via loonbelasting- en premieafdracht, krijgt voorrang boven de wens van mensen om zelfstandig te werken. Dat was bij het vorige kabinet het uitgangspunt en blijkt opnieuw het vertrekpunt.
Uitkomst commissiedebat: (nog) geen belemmering voor handhaving
Ondanks dat de VVD en met name de BBB herhaaldelijk aangaven dat handhaving van schijnzelfstandigheid onwenselijk is als je de consequenties er niet van kent, bleek er te weinig steun vanuit andere politieke partijen om echt een vuist te maken. Het viel op dat de PVV voor brede handhaving is en dan met name in publieke sectoren zoals kinderopvang, zorg en onderwijs… Het NSC zelf is ook voor bredere handhaving en dat maakt het vinden van een kamermeerderheid tegen de huidige aanpak van schijnzelfstandigheid lastig. Vooralsnog is er dus geen belemmering om de handhaving door te zetten. De VVD vroeg wel alvast een ‘2 minuten debat‘ aan na Prinsjesdag. Dit zou een moment kunnen zijn waarin er een kamermotie wordt ingediend tegen de handhaving. Het maakt de betekenis van dit commissiedebat er echter niet groter op. ZZP’ers, opdrachtgevers en bemiddelaars blijven voorlopig nog in onduidelijkheid zitten.
Sussen, verkleinen en vergroten
Het commissiedebat van vandaag werd wat ons betreft vooral gekenmerkt door een gebrek aan kennis en ervaring op het dossier zzp. Een echt stevige discussie werd het zelden. Een aantal Kamerleden, als ook de staatssecretaris Financiën sloegen de plank een aantal keer flink mis. Dat het zzp dossier precies samenvalt met de aanstelling van een nieuw kabinet – morgen wordt het regeerakkoord gepresenteerd – is een vervelende samenloop voor honderduizenden zzp’ers en hun opdrachtgevers. Er is nog geen nieuwe wet VBAR en de al afgesproken handhaving schijnzelfstandigheid haalt het dossier nu in. De oneliners vanuit de Belastingdienst vorige week werden klakkeloos herhaald, de rechten van zelfstandig ondernemers werden zo klein mogelijk gehouden en de ‘goede voorbeelden van beter roosteren voor vaste medewerkers’ werden uitvergroot. De overeenkomsten tussen de flexibilisering in de zorg en het onderwijs werden aangehaald, maar genegeerd. Wat het ‘dossier zzp’ ook parten speelt, is dat het gaat over de wet DBA, modelovereenkomsten, de concept wet VBAR, de verplichte AOV, de afbouw van fiscale aftrekposten en de ‘solidariteit’ van het vaste dienstverband. Het is teveel voor drie uur en het loopt allemaal dwars door elkaar heen. De uitkomst is dat de onzekerheid in stand blijft.
Wat betekent dit voor de zorg?
Het commissiedebat laat een belangrijke vraag voor zorgorganisaties overeind staan: durf je door te gaan met inhuur van zzp’ers, of laat je je schrik aanjagen? Samenwerkende werkgevers in de zorg hebben voor hun eigen sector afspraken gemaakt. Deze afspraken staan verwoord in het Fiscaal Kompas ZZP Zorg. Daarmee hebben zorgorganisaties zelf hun verantwoordelijkheid genomen voor professionele inhuur van zzp’ers. De Belastingdienst stapte eerder dit jaar uit het overleg met werkgevers, maar dat heeft niet kunnen verhinderen dat werkgevers alsnog zelf tot sectorale afspraken zijn gekomen. Of die afspraken gerespecteerd gaan worden is de vraag. Ook vandaag werden de afspraken tussen de Belastingdienst en sector kinderopvang geprezen, maar bleef de rol van de Belastingdienst binnen de zorgsector onbenoemd. Daar is de Belastingdienst al langer op weg naar confrontatie en lijkt ‘stoppen met zzp’ hun mantra. Werkgevers in de zorg gaan zich daar niet zomaar bij neerleggen zo is de verwachting. Wordt vervolgd.
Update: op 3 april 2025 presenteerden VVD, D66, CDA en SGP hun initiatiefwetsvoorstel voor de Zelfstandigenwet.